Cadeautje

In een van de lelijkste en ongezelligste winkels die Nederland rijk is, heb ik vandaag een verjaardagscadeau voor een van mijn beste vrienden gekocht. (Heel gedoe, niet het cadeau, maar dit opschrijven, want hoe beschrijf je iemand als beste vriend terwijl je toch zeker nog drie -of misschien wel vijf- Beste Vrienden hebt? Nou zo dus. Eén van de. Ik zou natuurlijk niet op mijn weblog Andere Beste Vrienden voor het hoofd willen stoten.)
Deze Beste Vriend is van de mannelijke afdeling, en degene die mij het allermeest aan het lachen maakt.
En ook degene die mij het vaakst met alternatieven op mijn naam aanspreekt.
En ook degene die zegt als ik weer een gebroken hart heb, en snikkend ‘sorry hoor’ stotter en snotter; ‘Ach liefje dat geeft toch niet, ik teer weken op jouw verhalen. Je doet mij er alleen maar een plezier mee.’
Om vervolgens ‘hup, kom, we gaan een leuke vrouw voor je uitzoeken’ te zeggen en stralend voorop te gaan naar de volgende homokroeg. Waar hij vervolgens zelf de meeste aandacht krijgt.

Voor Hem heb ik zojuist een verjaardagscadeau gekocht. Het cadeau stond genoemd op zijn internetverlanglijstje, waarop ik kon aangeven of ik dat wilde kopen. Een internetverlanglijstje. Daarvan ging ik een beetje in de weerstand. Ik mag toch hopen dat Beste Vriend niet met zijn inlogcode kan zien wat hij gaat krijgen. Van mij.
Ik mag het hopen.
Maar het gaafste cadeau stond er ook bij.
En dat heb ik nu gekocht.
In de lelijkste winkel, voor Beste Vriend.
(Eén van.)

LOS LA-TEN

En vroeger tikte ik dan even op de neus.
Van onze hond.

Het loopt over van diepzinnigheid

‘Welnee!’

‘Jawel hoor.’

‘Welnee!’

‘Jawel hoor.’

‘Nee. Ik zeg toch welnee?!’

‘J’wel, echt. Echt…
En ik moet ophangen!’

En weg.

Het voordeel van de telefoons van tegenwoordig is dat je heel goed je ongeduld kenbaar kunt maken door meteen het rode knopje met je duim in te drukken, en je niet meer helemaal de hoorn naar de haak hoeft te brengen.
Viel me op.
Of wist iedereen dat al lang.

Drie stappen afstand

Zij denkt dat het niet zo is,
of juist wel,
zij denkt, iets,
wat het in ieder geval niet is.

Hij vult in dat het wel zo is,
of niet,
in ieder geval is het iets,
waar hij niet aan denkt.

Het is zondag, en ze hebben allebei
geborreld met iemand anders.
En wachten
eenzaam op de bank
tot het verandert.

Iets

Het tilt me op.
Het tilt me op, en het laat me niet vallen, maar misschien
straks
zet het me zachtjes op de grond.

Het waait niet,
het stormt niet,
alleen een zomerbriesje kriebelt
mijn nek.
Lief.

Een twinkeling is onderweg
naar mijn ogen.
Ik knik met mijn hoofd,
iets naar voren,
iets naar achter,
opzij,
mijn oor naar mijn schouder.
Om het goed te zien.

Het kriebelt een beetje,
het juicht een beetje,
en het maakt een klein beetje muziek.

Kleine beetjes om zachtjes vast te houden,
en in een jasje
te gieten
van
een lach, een dansje.
En sweet dreams.