Riekster voegt daad zo dicht mogelijk bij woord

Met een appel mijmeren in het witte Ooijse zand en met dichtgeknepen ogen staren naar een kabbelend stukje Waal is ook een soort van liggen in het helmgras op Vlieland.

Een spinnetje loopt over mijn schouder en mijn haar waait een beetje in de war.
In de verte fietst een oude man fluitend richting Duitsland. Hij gaat warme kost tegemoet. Bij zijn vrouw die hij ook moeder noemt.

Ik blijf zo lang mogelijk liggen.
Zo lang mogelijk.
Zo lang…

Pandabeer, en dan is het vakantie

Al drie jaar geef ik met liefde grote delen van mijn zomer op voor mijn werk. Al drie jaar ook, kom ik als een van de weinige mensen als een pandabeer (u weet wel, witjes, grote ogen, zwarte ringen eromheen) uit de zomer. Terwijl iedereen gebruind is en heeft genoten van verre reizen of kleine tentjes aan idyllische meertjes, is het voor mij een uitdaging om überhaupt toonbaar te blijven.

Dit jaar, deed ik er nog een baantje naast. Voor de lol. Vorige week kwam ik binnen, en riep Favoriete Collega; Riekster! Kom je weer betaald hobbyen?’
Betaald hobbyen. Zoiets ja.

Dit jaar ook, deed ik er een verhuizing naast. Maar dat wist u al, natuurlijk.
Druk. Dus.
Maar ook voor een pandabeer komen betere tijden, want over twee en een halve week heb ik vakantie, en ik mag potverdorie hopen dat het zonnig is. En als het regent zie ik mezelf in de weer in de nieuwe badkamer, die nog moet. Met een roller en een kwast, goede zin en heel veel tijd.
De kleur wordt het blauw van het vloeibaar kleurenwasmiddel van de Coop. Leuk, dan moet ik met een fles wasmiddel naar de Gamma en die dan aan een meneer die er verstand van heeft ervaring in heeft laten zien. En hij maakt dan die kleur voor mij. In de Gamma, of een winkel die daar op lijkt.

Dit jaar begon in haar achtste maand, schreef ik eerder.
Ik denk dat dat waar is.
De Panda heeft zin in vakantie.
En wil in het Vlielands helmgras liggen. *Zucht.* Net als Impa.

Niks over Brabant

‘Nou bedankt.’
‘Huh?’
‘Bedankt.’
‘Bedankt? Voor wat?’ Ik draai mij om in mijn stoel en wordt aangekeken door een vrouw met eekhoornachtige ogen.

‘Dat wat je net over Brabanders zei.’
‘Ow…’
‘Lekker dan.’
‘Ow…’ Collega grinnikt in haar stoel en neemt een flinke slok van haar Corona. Ze neemt haar dit gaat leuk worden houding aan. ‘Kom je uit Eindhoven dan?’
‘Nee, maar wel randje Brabant.’ Ze neemt een hijs van haar sigaret. Ze glimlacht. ‘Dus. Wat nu?’

Ik kijk naar collega. Die kijkt terug. Succes Riekster, lachen haar ogen, haar wenkbrauwen, haar houding en haar Corona. Ze gaat rechtop zitten en slaat het ene been nog eens over het andere.

‘Oh maar ik heb niet alleen een hekel aan Brabanders hoor. En ook niet aan alle Brabanders. Het is meer dat…’
‘Oh aan wie nog meer dan?’
‘Nou,’ probeer ik, ‘ook aan mensen uit Zwolle Amersfoort en Den Bosch. Toevallig.’
‘Da’s ook Brabant. Den Bosch.’
‘Oh ja.’
‘Dus?’
‘Dus, tsja. Nou, dan moet Brabant toch maar de gekste de tofste de kekste en de gaafste zijn, niet?’
Ze lacht. ‘Heel goed.’ Ze wandelt weg. Naar haar tafel.

Ik kijk naast me.
Collega proest in haar Corona.

Riekster mist de lovedoctor

De lovedoctor is onlangs met zeventien jurkjes eenentwintig dagen op vakantie gegaan. Deze week smste ze dat ze zat te ontbijten en dat er een vlinder op haar hoofd zat.
Dat wil ik ook.
Ik mis de lovedoctor erg, en ik moet nog zoveel dagen.
Vandaag heb ik speciaal voor haar een lieflijk ruitjesbloesje aangedaan.

Iets om te lachen

Vandaag noemde een lezer mijn al vijf dagen durende onhebbelijke hoofdpijn Riekstress.
En hij zei erbij ‘want ik ken je’.
Daar moest ik een beetje om lachen.
Maar dat had ook te maken met het feit dat ik even buiten was.
Aan de thee.
De thee met bladeren.
Het leek op een aquarium.
Maar dat heb ik niet gezegd.