zou ze nooit doen

‘Hoe raar zou je opkijken als iemand iets onverwachts zou doen?’ De dromer kijkt over het scherm van zijn laptop. De laptop is wit. Buiten is het zonnig.

De denker legt zijn boek op de bank.
Hermann Hesse. Het lange, het trage, het beeld. Hij kijkt naar de kaft waar een mooie tekening op staat. Bloemetjes, bomen en gras. Twee kinderen die met een rugzak op pad gaan. In de verte een kasteel, iets dichterbij een paard. Reis naar het morgenland. Het is een mooie kaft. De denker houdt van Hermann Hesse.

‘Hee?’ spoort de dromer hem aan. ‘Hoe raar zou je opkijken?’

‘Ik weet het niet’ peinst de denker. Een lichte frons verschijnt op zijn voorhoofd. Met zijn vingers tikt hij een enkele keer op het boek.
Dan zucht hij. ‘Het is geen eenling. Ik denk dat ze dat nooit zou doen.’

Conflict

Het is woensdagochtend en er is iets.
Het is de hond van de fietsenmaker die aan mijn arm hangt.
En iets met mijn leren jas van tweehonderdnegenendertig euro die daar niet tegen kan.
Én er is iets met sorry en een gratis binnenband.
Een compensatie waar ik -weet de fietsenmaker nu-
slecht mee uit de voeten kan.

Doe dat wat je het liefste doet

‘Doe dat wat je het liefste doet’ staat er op het hele kleine kaartje dat ik een paar weken geleden kreeg. Het kaartje is wit en heeft het formaat van een visitekaartje. En erop staat het geschreven, in roze letters.
Op de achterkant staat heel netjes vermeld dat de uitspraak van Annie M.G. Schmidt is. Ook in roze letters.
Ik denk dat degene die het kaartje naar mij stuurde, het zelf heeft gemaakt.

‘Doe dat wat je het liefste doet’ hangt bij mij in de hal, en elke keer als ik de woonkamer uitloop zie ik het. Dat moet ook. Dat is de bedoeling.
Ik zie het vaker dan elke dag.
En ik denk er regelmatig aan.
Vooral als ik afwas.

Doe dat wat je het liefste doet.
Dan drink ik cola in de zon, en waai ik weg op de deuntjes van mijn favoriete muziek.

Doe dat wat je het liefste doet.
Dan rol ik van de dijk door het gras. En op mijn weg naar beneden pluk ik  een paardenbloem. En een madelief.

Doe dat wat je het liefste doet.
Dan hou ik mijn vinger in de lucht en dan zeg ik: ‘Ik hou van jou.’

Doe dat wat je het liefste doet.
‘En nú gaan we….zandkastelen bouwen!’ Doe dat wat je….

sssht.

Doe dat ….

Het fluistert het al.

Aan

‘Valt er nog iets te klussen bij jou in huis?’ vraagt ze door de telefoon. Ik heb hier iemand te pakken die van aanpakken houdt, en dan het liefste in mijn huis.
Ik ben uitgeslapen, heb koffie in mijn handen en ik kijk naar buiten. De zon schijnt. Een Turkse man rookt een sigaretje op de drempel van een restaurant. Hij kijkt naar de zon en besluit dan dat het uien-snijden nog wel even kan worden uitgesteld. Hij gaat op de drempel zitten. Een minibankje.
‘Ja, er valt nog wel wat te klussen ja. De gordijnen moeten nog op maat worden gestreken, en ik kan wel iemand gebruiken bij het sjouwen van mijn nieuwe oven.’
‘Mooi. En je spiegeltje met je luikjes alsof je in Griekenland woont? Hangt dat al?’
‘Uhm, nee. Ook niet.’
‘Oké. Die spiegel staat goed bij je ogen, dus daar gaan we eerst iets mee doen. Ik ben er over een kwartier, tot zo.’
Ze hangt op. Ik kijk naar de telefoon.
De Turkse man drukt zijn sigaret uit op een tegel. Hij gaat met zijn hoofd in zijn hand zitten.
‘Nu is er zon’ denkt hij. ‘Laat het leven maar even naar mij toe komen.’

Riekster weet niet of het puur en alleen positief is

‘Heb jij geen kater dan?’
‘Nee.’
‘Helemaal niet?’
‘Nee. Jij?’

stilte

‘Heb jij geen kater?’
‘Nee.’
‘He-le-maal niets?’
‘Nee. Jij?’

stilte

‘Dus je hebt nergens last van?’
‘Nee. Jij?’

stilte

‘Maar..’
‘Ja kweetookniet.’

….

‘Oh.’
‘Goh.’

Pats (lentegras)

‘Zo, mag jij mij nu vertellen hoe het met jou is.’ Ze zit aan de andere kant van het scherm in mijn Favoriete Stad. Met haar grote blauwe ogen kijkt ze me aan. Ik draai op mijn stoel en weet dat ik mezelf verraad.
‘GOED!’ roep ik met hoofdletters. ‘Net als met jou!’
In mijn ogen zie ik voorjaars-tulpen staan.
Ik de hare zie ik madeliefjes in het lente gras.
Dan staat ze op van haar stoel, draait zich om en slaat zichzelf op haar kont.
Pats.

Die kregen ze nog.
De tijden dat het anders was.