en hoort in de pas
en de mars
in het recht en het rond
het vierkant het hoekig en het bont
wat komt
en wat
met terugwerkende kracht
vroeger ook zo was.
Riekster houdt van de beweging
Mevrouw E. is goed in rekenen
Mevrouw E. vindt het leuk om haar gedachten met de wereld te delen.
19 minuten geleden
‘t Is vandaag de 2e dag vd 2e maand van het 2e jaar in het 2e decennium van het 2e millennium. Mits we denken dat er n jaar 0 was of zo.
13 minuten geleden
Toen er ‘n meisje tegen haar vriendje loog en hele volksstammen daar intrapten.
7 minuten geleden
Maar hoe dan ook, ‘t komt niet vaak voor.
3 minuut geleden
Ik rectificeer, er klopt geen hol van!
uitgaande sms naar Mevrouw E.
Hoezo niet? Ik vond het net zo leuk!
1 minuut geleden
3e Millennium. 3 maart nog maar ‘s proberen.
uitgaande sms naar Mevrouw E.
Ja 3 maart 2022 dan he…
enkele seconden geleden
Aargh!
Een minimaal idee
‘Ik denk dat ik toch ben veranderd.’ De Dromer zit aan de keukentafel. Hoofd omhoog, kin vooruit. Met de achterkant van een potlood tikt hij op de krant.
‘Toch?’ De Denker pakt twee mokken van het aanrecht en zet ze op de krant, daar waar de Dromer met zijn potlood zit.
‘Ja. Tóch.’
‘Hoe dan?’ De Denker neemt een slok.
De Dromer tikt. Eerst op de tafel en dan op de krant. Dan weer op de tafel en op de krant. Een keer op zijn lip, twee keer op de tafel een keer op de krant en dan op de rand van de mok.
‘Misschien weet ik dat wel niet precies.’
‘Natuurlijk weet je het wel. Als je kan zeggen dat je tóch veranderd bent, dan heb je ook wel een idee hoe. Op z’n minst een minimaal idee.’
De Dromer kijkt op. Hij heeft het potlood op de krant gelegd en tikt nu met zijn wijsvinger tegen de zijkant van zijn wang. ‘Da’s waar.’ Hij grinnikt. Hij heeft wel een minimaal idee.
‘Ik dacht gewoon eerst van niet.’
‘Je dacht eerst van niet.’
‘Ja.’
‘En nu denk je van wel.’
‘Nu wel.’
‘En daar is het al.’
Neeeeee…! Jezus!
Ze was bezet en trouw en in de tijd dat ze niet bezet was, was ik er met mijn hoofd niet bij.
Daarna was ze weer bezet.
Vervolgens hoopte ik een half jaar lang stilletjes dat het uit ging. Maar dat gebeurde niet en in tegenstelling tot wat ik normaal doe -vasthouden-, liet ik het los. Ik liet het los want ik vind en vond -en wilde- dat geluk geluk was en dat ik daar met mijn blauwe ogen niet tussen moest gaan zitten. Zo. Die les heb ik ooit één keer geleerd en dat was meer dan zat.
Weer een half jaar later was het toch uit. Toch? Uit?
Ja. Uit-uit-uit.
Nou gun ik iedereen alle geluk van de wereld, echt, heus. Maar als ze écht leuk is, en als het dan ineens uit is en ik heb daar niet zelf direct de hand in gehad -laat die les geleerd zijn-, dan maakt mijn hart toch een klein vreugdesprongetje. Een kleintje. En dat zou mijn hart nu ook hebben gemaakt. Als…ik…het…verdomme…had…geweten.
Geweten!
Maar helaas, terwijl zij blijkbaar allang weer vrij was, ging ik lekker verder met loslaten, geheel tegen mijn natuur in. Toen ik er eenmaal achter kwam dat het allemaal allang weer anders zat, was het wederom te laat. Ineens bleken De Mensen al weken geleden te hebben gehoord dat uit was en ze een oogje op een ander had.
Dus daar sta ik dan. Met lede ogen die maar voor 50% werken, en lenzen van min drie die mij niet helpen het allemaal scherp te zien. De roze bril ligt weer eens mijlenver buiten mijn gezichtsveld.
Niemand vertelt mij ook wat.
Vers zes
Er is een omleiding, het duurt lang en op de parkeerplaats van de Gereformeerde Kerk stop ik om op de TomTom te kijken waar ik in de chaos in godsnaam ben beland. Er klopt hier niets meer van. Hier in dit dorp waar de wegen net te smal zijn, de straatnamenbordjes groen en de namen die op die bordjes staan er met gele letters zijn opgeschreven. Het zou mij niet verbazen als ze hier een Larpvereniging hebben. Zojuist heb ik ook al getankt bij een benzinepomp die Firezone heet. Ik weet niet welke lolbroek dat heeft bedacht, maar in de omgeving waar ik woon – de gewone bewoonde wereld -, daar hebben ze gewoon tankstations die Shell heten en geen namen waarvan je auto ontploft.
En Albert Heijn. Die hebben ze thuis ook.
Het duurt lang-het duurt lang en ik krijg een sms van een grapjas, thuis in de bewoonde wereld: ‘Rijd je nog rond?’
Ja. Ha ha. Erg grappig allemaal. Dus ik stuur terug dat ik wel begrijp dat het hier de Bible Belt heet want als ik hier zou wonen dan zou ik ook denken dat ik door God vergeten was en als ik hier ooit dood gevonden zou worden, dat dan onmiddellijk de rest van mijn leven met terugwerkende kracht vreugdeloos en zinloos zou worden, en dat ik bang ben om weldra van de wereld te vallen. Verzenden.
En dat het leuk zou zijn geweest als ik in dit wanhoopsoord bereik zou hebben gehad. Gewoon, qua telefoon.
