‘Dan speel je maar vast een beetje in’, zegt de vader tegen de jongen met een gitaar op zijn rug. De jongen kijkt beteuterd, vader fietst zonder twijfel weg. Hij staat voor het oude gebouw met de vrolijke letters. ‘Je kunt hier ook lachen’, staat er op het gebouw.
Ik kijk op mijn telefoon. Twaalf voor vier. Ze zijn veel te vroeg voor de les die pas over twaalf minuten begint.
Die jongen heeft er geen zin in.
Zelfs als ze stipt op tijd zouden zijn, dan nog was het voor die jongen te vroeg. Het liefst gaat hij er nog halverwege het seizoen af.
Gitaar.
Het maakt hem geen mindere liefhebber van muziek,
hij wil het gewoon niet.
Hij haat het.
En er valt daar niks te lachen.
Air Guitar
Met dank
“Is dat de fooi?â€
“Ja†zeg ik.
Ze kijkt me ongelovig aan.
“Stop die dan maar weer terug in je portemonnaie.â€
De vijftig cent ligt in drie stukken roerloos op de tafel.
Ik blijf met open mond bij mijn stoel staan.
Nooit geweten dat ik zo van tafel kon worden geveegd.
Op den gok
En als ‘t niks is, dan halen we ‘t ‘r morgen toch weer af?
Starsailor – Tell me it’s not over
Slapen
Het was mij wel bekend, van dat niet slapen, maar meer dan dat was het ook niet.
Ik stoorde me wel aan de buren, en werd wel wakker van het gedraai van mijn lief, maar meer dan dat, was het niet.
Als ik als klein kind niet kon slapen, gaf mijn moeder me een half pepermuntje. Sliep ik op als een roos.
Nu probeer ik uit of ik tegen Valeriaan kan vechten, terwijl slapen het enige is waarop ik hoop.
Ik vecht, met de bedoeling om te verliezen.
(En wat doe je in de tussentijd?)