Er was mijn oudste vriend die
voor de deur stond
in zijn streepjestrui.
‘Ik kom je je twintiger jaren uitvegen’ zei hij. En hij lachte erbij
met in zijn armen twee cadeaus.
Hij wapperde met kaartjes,
deed wat gel in zijn haar en
ik legde mijn wimpers recht.
Niet veel later fietsten we
naar Doornroosje.
Het was net echt.