‘Ik hoop dat we genoeg voor een Welpie hebben.’
De scanner bleept. De man kijkt hoopvol naar het meisje achter de kassa die dat niets kan schelen.
Ik heb de mijne al in mijn tas. Oranje is ie. In een doorzichtig zakje met plakkertjes onder zijn voetjes.
Ik heb er één.
Ik moet steeds lachen als ik denk aan dat behangde vliegtuig met die wapperende oranje haren.
Met een glimlach pak ik mijn boodschappen bij mijn Welpie in.
De man wacht, in spanning. Als het maar duur genoeg is, de boodschappen.
‘Elf Euro vierenzestig alstublieft.’
‘Aiii’ zegt de man.
Slechte hoofdrekenaar die papa zeg. Zijn de slachtoffers van het nieuwe leren nu reeds vader?