Aan mijn muur hangt een groot schilderij met daarop twee Chinese karakters. Ze verbeelden het begrip aarde. Maar met beide benen op de grond staan doen ze niet, ze zweven. Op het doek, naast elkaar, de ene iets hoger dan de ander.
Ze stijgen op en zouden zo rechtsboven uit de lijst naar de muur kunnen waaien.
Ze zouden natuurlijk in plaats van omhoog vliegen ook naar beneden kunnen vallen. Maar dat gaat tegen alle richtingsgevoel in. Daarnaast vind ik vallen niet zo’n aantrekkelijk idee aan mijn muur, dus lees ik het liever van de vrolijke kant.
En waaien ze met de wind mee naar boven.
Heerlijk, die vrijheid waarmee ze doen wat ze willen, terwijl ze zouden breken als ze werkelijk zouden vertrekken van daar waar ze zijn. En dus zullen ze blijven waar hun creator ze heeft neergezet. En het is goed zo.