Hij had behoefte aan zon overdag en regen ‘s nachts
het poetsen van geleefde uren
voor de start van nieuwe frisse dagen.
Hij wilde luisteren naar geluiden van het groen
en kletterende pannen uit open ramen van de buren.
Maar ook wilde hij de wind voelen die door zijn geest moest waaien
en hij wilde dure wijn zien en eten van vieze appels van de straat
een broekspijp die kapot was dragen,
hij wilde dat al
naargelang de situatie.