Hij weet nog precies hoe het was, als hij op tijd uit de kroeg kwam en weer inspiratie had.
Dan rende hij naar binnen, heel snel de treden van de trap, die hij keurig een voor een nam.
Snel bier uit de koelkast, lampen aan en muziek. Vaak dezelfde, maar nooit de cd die er al in zat.
En dan schreef hij over dingen.
Met gretigheid in zijn ogen en een sigaret in de asbak.
Over iets dat zijn hoofd weer lucht gaf.