Zou de man -ik denk dat ie dat was- krom onder de tafel hebben gelegen, toen hij het woord verstandskiezen bedacht?
Was het een dichter?
Was het een clown?
Tandarts, kaakchirurg, of iemand die toevallig voorbij kwam?
Zou hij hebben geweten dat dat woord dubbelzinnig was?
En zou hij weten wat erger is: de ellende op zich, of de drukte eraan vooraf?